Stoornis in beeld: persoonlijkheidsstoornis

02 juli 2025
|
3 reacties

Onze persoonlijkheid heeft te maken met wie we zijn en hoe we doen. Onze karaktereigenschappen maken ons tot wie we zijn. Dat is prachtig, want we zijn uniek. Soms kunnen bepaalde patronen in ons gedrag ons in de weg zitten. Zelfs zo, dat ze ons belemmeren op een of meerdere terreinen van het leven. Als dat zo is, kan er sprake zijn van een persoonlijkheidsstoornis.

Naar schatting heeft zo’n 5 tot 10 procent van de Nederlanders een persoonlijkheidsstoornis. Wie daar last van heeft, zit vast in een duurzaam patroon van ervaringen in gedrag dat afwijkt van wat binnen een bepaalde cultuur of sociale context verwacht wordt. Dat patroon komt tot uiting in verschillende terreinen: denken, voelen, omgang met andere mensen en hoe iemand zich tot hen verhoudt en zijn of haar zelfbeeld. Die patronen zijn schadelijk. De persoon heeft er zelf last van en de omgeving vaak ook. Vastlopen in relaties of op het werk zijn een mogelijk gevolg. Iedereen heeft wel van die patronen die dysfunctioneel zijn, maar de mate waarin bepaalt of er sprake is van een stoornis. Een persoonlijkheidsstoornis is voor de persoon zelf erg moeilijk en ingewikkeld. De gebrokenheid van het leven wordt pijnlijk zichtbaar. Het lijden dat hiermee gepaard gaat, moet niet onderschat worden. Iemand met een persoonlijkheidsstoornis verdient het om met geduld en mildheid benaderd te worden. De patronen zijn namelijk overlevingsstrategieën geweest.

Hechtingstrauma

Een persoonlijkheidsstoornis is niet aangeboren. De omgeving, trauma’s en het aangeboren temperament spelen een rol. Ook als een kind opgroeit in een veilige omgeving kan het een persoonlijkheidsstoornis ontwikkelen. Maar de grootste oorzaak zijn hechtingstrauma’s in de opvoeding. Een kind kan actieve onveilige gehechtheid hebben ervaren, bijvoorbeeld door mishandeling, misbruik of door een rigide opvoeding. Maar het kan ook een passief patroon ontwikkelen, door emotionele verwaarlozing. Hoe kan het dan dat iemand daardoor een persoonlijkheidsstoornis ontwikkelt? Kinderen hebben het nodig op te groeien in een veilige en voorspelbare wereld met warmte, affectie, stabiliteit, rust en regelmaat. Dat ouders liefdevol en warm betrokken zijn helpt, evenals het hanteren van realistische grenzen. Dat ze überhaupt beschikbaar zijn en in z’n algemeenheid passend reageren op de behoeften van hun kind, zodat het zich kan ontwikkelen. Tegelijk moet er ook ruimte zijn voor autonomie en voor spel. Dat is voor ouders een hele klus. Soms gaat het in de opvoeding mis, of maken kinderen elders traumatische gebeurtenissen mee. Een kind ontwikkelt dan een beeld van de wereld dat die een onveilige plek is. Of het denkt dat mensen onveilig zijn, niet beschikbaar en niet voorzien in wat nodig is. En bijna altijd ontwikkelt het kind dan een negatief zelfbeeld. Dat heeft te maken met loyaliteit. Als het kind afwijzend behandeld wordt, denkt het onbewust dat er iets fout is met hem- of haarzelf. Hij of zij ontwikkelt weinig zelfvertrouwen of vindt zichzelf slecht en minderwaardig.

Negatieve bril

Een minderwaardigheidsgevoel laat diepe sporen na in het leven van iemand die kampt met een persoonlijkheidsstoornis. Het geeft verdriet, angst en onzekerheid. Dat kan tot uiting komen in de reacties of het handelen. Dat is helemaal niet vreemd, want deze patronen die ontwikkeld zijn, waren vroeger functioneel om te overleven. Wat kunnen die patronen dan bijvoorbeeld zijn? Het kan zo zijn dat iemand het gevoel heeft dat mensen niet goed voor hem of haar zullen zorgen of dat ze niet te vertrouwen zijn. Dat is heel moeilijk, want waar kun je dan nog terecht met je gebrokenheid en verdriet? Het gevoel dat daardoor kan ontstaan, is dat iemand alles zelf maar gaat regelen en uitgaat van het slechte van de mens. Dat zorgt voor enorme eenzaamheid en dus opnieuw lijden. Het vervelende is dat dat beeld kan blijven bestaan, omdat het opdoen van nieuwe positieve ervaringen lastig is. Het is immers niet gemakkelijk om patronen aan te passen. De onzekerheid waarmee gekampt wordt, kan ervoor zorgen dat iemand zich snel vergelijkt met anderen. Daar heeft iedereen die onzeker is last van, maar bij iemand met een persoonlijkheidsstoornis gebeurt dat sneller. Het gevoel kan daarbij ontstaan dat hij of zij tekort wordt gedaan. Die negatieve bril drukt zwaar op de persoon met een persoonlijkheidsstoornis. Hij of zij zou het wel anders willen, maar het gaat zo lastig. Onmacht, schaamte en schuld zijn het gevolg. Hoe makkelijk dat ook klinkt: dat is niet nodig. Voor de omgeving is het van belang om te “ontschuldigen” en in liefde naar hem of haar om te zien.

Vanbinnen gebeurt er ook veel. Een kind dat in een veilige omgeving opgroeit, bouwt een gezonde interne structuur op. Daarin leert het eigen behoeften en emoties herkennen en verwoorden. Voor wie niet veilig opgroeit, is het lastig een stevige binnenwereld op te bouwen. Emoties worden vaak niet herkend waardoor het lastig is om daar de regie over te nemen. Ook dat is niet vreemd, want het is niet geleerd. Iemand wordt als het ware overspoeld door de emoties en weet zich geen raad. Bij sommigen uit zich dat in copinggedrag: niet willen – of eigenlijk moet je zeggen: niet kunnen voelen – en daarom iets anders gaan doen. Voorbeelden van coping zijn het wegeten, wegdrinken of wegsnijden van emoties. Hobby of werk wordt een heel grote uitlaatklep waar iemand zichzelf helemaal in verliest. Het kan ook zo zijn dat er gekozen wordt voor de aanval of dat hij of zij ervoor zorgt dat anderen hem of haar niet kunnen beschadigen. Het tegenovergestelde kan ook: iemand neemt niet meer het risico om geraakt of gekwetst te worden, dus bepaalde situaties worden vermeden. Een isolement ligt op de loer. En juist dat helpt op de lange termijn niet, omdat dat het lijden juist alleen maar vergroot.

Soorten

Er zijn verschillende soorten persoonlijkheidsstoornissen. Er wordt onderscheid gemaakt in drie clusters: A, B en C. In cluster A valt bijvoorbeeld de paranoïde persoonlijkheidsstoornis. Kenmerkend daarvoor is achterdocht, wantrouwen en negatieve gedachten. Er is weinig contact met andere mensen. Ook een schizoïde persoonlijkheidsstoornis valt onder cluster A. Emoties zijn vaak vlak: nooit echt blij of verdrietig, en er wordt weinig plezier aan iets beleefd. Wie daarmee worstelt, brengt het liefst veel tijd alleen door en behoudt graag afstand. In cluster B zitten bekendere stoornissen, zoals borderline en narcisme. Kenmerkend bij dit cluster is dat het moeilijk is om emoties te controleren.

In cluster C staat angst centraal. Grofweg kun je drie types onderscheiden: de afhankelijke, dwangmatige en vermijdende. Bij de eerste is er de angst om het niet alleen te kunnen. Bij de dwangmatige is er grote behoefte aan controle en bij de vermijdende is er gevoeligheid voor het oordeel van anderen. Er is verlangen naar contact met andere mensen, maar er is angst voor afwijzing.

Behandeling

Goede therapie kan helpen om veranderingen aan te brengen in de patronen die lastig zijn. Er zijn diverse therapieën voorhanden, waaronder MBT (Mentaliseren Bevorderende Therapie) en schematherapie. Alle behandelingen zijn erop gericht om genuanceerder naar het beeld van zichzelf, de ander en de wereld te kunnen kijken en de klachten die worden ervaren te verminderen. Het is belangrijk om op tijd hulp te zoeken. Anders is het risico op vastlopen groot, bijvoorbeeld in studie(keuze), werk of relaties. Met de juiste therapie kan iemand tot bloei komen en zichzelf verder ontwikkelen. Zo kan de gebrokenheid waar zo mee geworsteld wordt meer naar de achtergrond gaan. En komt er ruimte voor een ontdekkingstocht door het leven.

Godsbeeld

Mensen met persoonlijkheidsproblemen worstelen soms ook met hun geloof. Het is belangrijk om te weten dat persoonlijkheid en Godsbeeld twee afzonderlijke dingen zijn. Een Godsbeeld is niet statisch, maar verandert. Iedereen heeft in een bepaalde gemoedstoestand een wisselend Godsbeeld. Het is een mooie, maar ook spannende ontdekkingstocht om te ervaren dat ons Godsbeeld niet is wie God echt is. Wie ervaart dat mensen niet te vertrouwen zijn, mag leren dat God dat wel is. Wie denkt dat mensen het slechte met je voor hebben, mag weten dat God zegt dat Hij het goede voor ons op het oog heeft. God is gelukkig niet afhankelijk van onze toestand. Hij is zoveel meer dan wij kunnen bevatten. Of je nu worstelt met je persoonlijkheid of niet, iedereen mag leren zijn of haar twijfels, pijn, verdriet en frustraties bij Hem neer te leggen. Hij kent ons écht. Van binnen en van buiten. Hij heeft ons uniek gemaakt; ook ons karakter! En Hij wil voor ons zorgen.

Meer weten over behandelingen van Eleos? Je vindt hier een overzicht van ons zorgaanbod.

Reacties

3 thoughts on “Stoornis in beeld: persoonlijkheidsstoornis”

  1. Marianne schreef:

    Hallo,
    Het is haast niet mogelijk contact met God en medemens te onderhouden. Ik ben gediagnosticeerd op Borderline maar vermoed dat ik de laatste jaren ook stevige trauma’s heb ontwikkeld. Ik denk dat niemand me echt aardig vindt en viel geen aansluiting meer of het loopt gewoon dood. Er zit steeds meer leegte in me. Ik ben bang dat ik mijzelf wat aan ga doen want ik vind het leven zwaar en nuet meervtd dragen. Vanuut het geloof kan dit niet. Ik ben overigens een vrouw van 61.

  2. Gert van Doorn schreef:

    Wat een duidelijke uiteenzetting.
    Op zoek naar knelpunten in je persoon en bij elkaar geeft dit inzicht…

  3. Gert van Doorn schreef:

    Verhelderend en herkenbaar.
    Ik wil meer weten over de MBT.
    Ik ben in behandeling bij jullie.

Laat een reactie achter

Wil je graag reageren op dit verhaal. Heb jij er iets aan gehad? Of wil je gewoon iets met ons delen? Laat dan een reactie achter.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *